Wat leert de Bijbel ons in het boek Jona?

Jonah

Achtergrond

Het boek Jona is een kort verhalend boek over een profeet die helemaal niet doet wat je van een profeet zou verwachten. Het verhaal laat ons zien hoe barmhartig God is, door Zijn barmhartigheid te contrasteren met Jona’s wraakgierigheid. Het verhaal is waarschijnlijk geschreven tussen de 8e en de 3e eeuw voor Christus. Het speelt zich deels af rond Ninevé, de hoofdstad van Assyrië (één van Israëls vijanden).

Jona probeert Gods opdracht te ontvluchten

Het boek begint met een opdracht van God voor Zijn profeet: “Het woord van de HEERE kwam tot Jona, de zoon van Amitthai: Sta op, ga naar de grote stad Ninevé en predik tegen haar, want hun kwaad is opgestegen voor Mijn aangezicht.” Jona gaat op reis, maar niet naar het oosten, waar Ninevé ligt. In plaats daarvan gaat hij an boord van een schip naar het westen, “weg van het aangezicht van de HEERE”. Verderop in het verhaal horen we de reden voor dit opvallende gedrag: “Och HEERE, waren dit mijn woorden niet toen ik nog in mijn eigen land was? Daarom ben ik het voor geweest door naar Tarsis te vluchten! Want ik wist dat U een genadig en barmhartig God bent, geduldig en rijk aan goedertierenheid, Die berouw heeft over het kwaad” (Jona 4:2).

Jona weet dat God genadig is. Als hij dus naar de Ninevieten gaat en hen vertelt over Gods komende oordeel, is er een kans dat zij zich bekeren en zo aan Gods wraak ontkomen. Maar Jona wil hun ondergang, en daarom is hij niet van plan om ze te waarschuwen.

God steekt een stokje voor Jona’s vlucht

Jona probeert “van het aangezicht van de HEERE” weg te zeilen, maar tevergeefs. “De HEERE wierp een hevige wind op de zee; er ontstond een zware storm op de zee, zodat het schip dreigde te breken” (Jona 1:4). De zeelieden doen wat ze kunnen, ze roepen hun goden aan, en als ze het lot werpen blijkt Jona de aanleiding voor deze verschrikkelijke storm te zijn. De enige oplossing, aldus Jona, is om hem overboord te gooien. Omdat er geen andere keuze lijkt te zijn, “pakten zij Jona op en wierpen hem in de zee. En de woedende zee kwam tot bedaren” (Jona 1:15).

Maar dat is niet het einde van het verhaal. God stuurt een grote vis om Jona op te slokken, en drie dagen later beveelt Hij de vis om Jona weer op het strand uit te spugen. Opnieuw draagt de HEERE Jona op om naar Ninevé te gaan en daar Zijn oordeel aan te kondigen. Deze keer gaat Jona inderdaad op pad.

Ninevé bekeert zich, en Jona is boos

Zodra Jona in Ninevé aankomt raakt het verhaal in een stroomversnelling: “Hij predikte en zei: Nog veertig dagen en Ninevé wordt ondersteboven gekeerd! De mensen van Ninevé geloofden in God. Zij riepen een vasten uit en trokken rouwgewaden aan, van de grootste tot de kleinste onder hen” (Jona 3:4-5). De stad is geestelijk gezien ‘ondersteboven’ van Jona’s boodschap. En dan gebeurt precies wat Jona al had voorzien: “God kreeg berouw over het kwade dat Hij gezegd had hun te zullen aandoen, en Hij deed het niet” (Jona 3:10). Jona’s verdenking komt uit, God is inderdaad barmhartig en de stad wordt niet letterlijk ‘ondersteboven gekeerd’.

God gaat met Jona in gesprek

Maar het verhaal stopt ook hier niet. We lezen hoe Jona en God een gesprek hebben. Jona is woedend en wil sterven. Maar de Heere wil hem een les leren. Hij laat een wonderboom opschieten die Jona zijn felbegeerde schaduw biedt. Maar de volgende nacht verdort de plant en gaat dood. Dat maakt Jona nog bozer. “God zei tegen Jona: Bent u terecht in woede ontstoken over die wonderboom? Hij zei: Terecht ben ik in woede ontstoken, tot de dood toe. Daarop zei de HEERE: Ú ontziet die wonderboom, waarvoor u niet gezwoegd hebt en die u niet hebt laten groeien, die in één nacht ontstond en in één nacht verging. Zou Ík dan die grote stad Ninevé niet ontzien, waarin meer dan honderdtwintigduizend mensen zijn die het verschil tussen hun rechter- en hun linkerhand niet weten, en daarbij veel vee?” (Jona 4:9-11).

Wat is het antwoord op Gods laatste vraag?

Het verhaal vermeldt Jona’s reactie niet, het eindigt met deze open vraag. In feite stelt het boek deze vraag aan de lezer: wat zou jouw reactie zijn? Ben jij het ‘ermee eens’ dat God barmhartigheid betoont aan jouw vijanden? Ben je dankbaar voor Gods grote genade, of ben je net als Jona wraakgierig?

Lessen voor ons

  • Het onderwerp van Gods barmhartigheid is waarschijnlijk de belangrijkste les uit dit boek. Gods barmhartigheid en genade blijken niet beperkt te zijn tot het volk Israël, maar omvat ook andere volken – zelfs hun vijanden. Jona had gelijk: de Heere is “een genadig en barmhartig God […], geduldig en rijk aan goedertierenheid, Die berouw heeft over het kwaad” (Jona 4:2). Wat is jouw reactie op Gods eindeloze genade?
  • Een tweede thema dat meerdere keren naar voren komt in het boek Jona, is Gods soevereine macht over de natuur. De zee, de wind, de vis en de wonderboom “doen” allemaal wat God van hen wil. God is niet gebonden aan natuurwetten; Hij heeft macht over hen!
  • Een derde les vinden we in het gedrag van de Ninevieten: als ze horen dat God hen zal oordelen, bekeren en vernederen ze zich. Dat gedrag wekt Gods genade op – zoals Hij belooft in talloze Bijbelverzen zoals Deuteronomium 30:1-3, Markus 1:4, Lukas 13:5 en Handelingen 2:38. Heb jij je al bekeerd van je zonden en vergeving ontvangen?

Meer weten?

Als je meer wilt weten over het boek Jona, is de beste manier natuurlijk om het zelf door te lezen. Je kunt ook een introductievideo bekijken van The Bible Project.
In onze vijf cursussen “De Bijbel Door”, bieden we introducties aan op alle Bijbelboeken. De cursussen zijn gratis, en als je een deel hebt afgerond ontvang je een certificaat. Schrijf je gerust in en probeer het zelf uit!

Deel artikel