Wat is leven naar de Geest?

Romeinen 8 wordt door velen beschouwd als het hoogtepunt van de Bijbel. Er is wel eens gezegd: de brief aan de Romeinen is de Himalaya van de Bijbel. En Romeinen 8 is de Mount Everest. In Romeinen 8 wordt het leven van gelovigen beschreven. Heel kort samengevat wordt daarover gezegd: zij leven naar de Geest. Maar wat betekent dat?

Leven naar de Geest is een veranderd leven

In de eerste plaats betekent leven naar de Geest dat je bent vrijgemaakt van de wet van de zonde en de dood (Romeinen 8:2). Paulus heeft eerder in Romeinen gezegd dat mensen zonder God wel moeten zondigen. Dat is een natuurwet. Ze kunnen niet anders. Zoals een steen die je loslaat, wel moet vallen, moet een mens zonder God wel zondigen. Maar als je gelooft, is die wet gebroken. Daar ben je van vrijgemaakt.

In de tweede plaats betekent leven naar de Geest dat de rechtvaardige eis van de wet in ons vervuld kan worden (Romeinen 8:4) en dat we de kracht hebben gekregen om de zonde te overwinnen (Romeinen 8:13). De wet is goed, maar mensen zonder God hebben niet de kracht om te leven naar de wet. Maar, zegt Paulus, wij wel. Wij kunnen “nee” zeggen tegen de zonde. Daarmee bedoelt hij niet dat we de wet onderhouden zodat God van ons gaat houden. Nee, we zijn al als kinderen van God aangenomen. En nu hebben we de kracht ontvangen om te doen wat de wet altijd al zei dat we moesten doen, maar we konden het niet. Nu doen we het uit liefde tot de Here Jezus. Hij zei: “Wie Mijn geboden heeft en die in acht neemt, die is het die Mij liefheeft” (Johannes 14:21).

In de derde plaats betekent leven naar de Geest dat onze verlangens zijn veranderd. “Immers, zij die naar het vlees zijn, bedenken de dingen van het vlees, maar zij die naar de Geest zijn, de dingen van de Geest” (Romeinen 8:5). Je verlangt ernaar om God te loven en te prijzen. Actief zijn in een kerk waar God grootgemaakt wordt, ervaar je niet als een opdracht maar als een voorrecht. Je verlangt ernaar dat iedereen het evangelie hoort, dus je zet je in, met je tijd en geld, voor evangelisatie en zending. Je verlangt ernaar dat andere mensen tot hun bestemming komen, dus je wilt hen helpen.

In de vierde plaats betekent leven naar de Geest dat we kinderen van God zijn geworden. “U hebt de Geest van aanneming tot kinderen ontvangen, door Wie wij roepen: Abba, Vader!” (Romeinen 8:15). God is je Vader. Dat geeft een zekerheid die niet omver te gooien is. God laat als Vader Zijn kinderen nooit in de steek. We horen bij Hem, en we horen voor altijd bij Hem. Dat geeft een geweldige vreugde.

Strijden tegen de zonde

Nou moet ik zeggen dat ik over een ding heel blij ben. Dat is dat er in dit gedeelte ook staat “Als u echter door de Geest de daden van het lichaam doodt, zult u leven” (Romeinen 8:13), en niet “als u echter door de Geest de daden van het lichaam gedood hebt, zult u leven”. Als dat laatste er gestaan zou hebben, zou het betekenen dat de zonde achter ons ligt. Want met “de daden van het lichaam” wordt onze oude mens bedoeld en onze zondige neigingen.

Maar het staat er in de tegenwoordige tijd. De zonde moet continu weerstaan en gedood worden door de kracht van de Geest. Dat ligt nooit achter ons. Dat de zonde aan ons blijft trekken is helemaal waar. Dat heeft Paulus beschreven in Romeinen 7. Maar dat we leven door de kracht van de Geest, waardoor de zonde overwonnen wordt, is ook helemaal waar. Dat is wat we lezen in Romeinen 8.

Het is dus goed om last te hebben van je zonde. Want dan zul je de zonde willen doden. Als je geen last hebt van je zonden, dan is de vraag: zie je niet wat over het hoofd? Hoe geef je invulling aan de Bijbelse opdracht om de daden van het lichaam te doden? Ben je na Jezus de eerste mens ooit die niet te worstelen heeft van de zonde? Als je dat gevoel hebt, is het waarschijnlijker dat je er te gemakkelijk over denkt!

Geloofszekerheid

Er zijn ook mensen die er niet te gemakkelijk over denken. Als iemand tegen mij zegt “Dominee, ik heb zo’n last van mijn zonden”, dan zeg ik: “Mooi! Doe het dan niet meer.” Want het is niet de bedoeling dat last hebben van je zonde leidt tot twijfel over je behoud. Romeinen 8 gaat juist over zekerheid. Het begint met zekerheid: er is geen verdoemenis voor hen die in Christus Jezus zijn (Romeinen 8:1). Dat staat al vast, als er hier gesproken wordt over de strijd tegen de zonde.

Het gaat hier over het kind van God zijn. Wie zijn kinderen van God, staat in Romeinen 8:13? Degenen die door de Geest van God geleid worden. Hoe weet je dat je door de Geest van God geleid wordt? Romeinen 8:13: als je door de Geest de daden van het lichaam doodt. En wanneer wil je de zonde doden? Natuurlijk als je er last van hebt! Dus laat last hebben van je zonde je niet de zekerheid van het geloof ontroven. Last hebben van je zonde is juist een belangrijk bewijs van je geloof.

Als je leeft naar de Geest, en dus strijdt tegen de zonde, dan wordt de objectieve waarheid dat er door het geloof in Christus eeuwig leven is, een subjectieve zekerheid in je hart. Want dan gebeurt dit: “De Geest Zelf getuigt met onze geest dat wij kinderen van God zijn” (Romeinen 8:16), Omstandigheden kunnen moeilijk zijn. Zelfs broeders en zusters in de kerk kunnen je aanvallen. De duivel kan je proberen aan het twijfelen brengen. Het maakt niet uit, want de Geest van God geeft je die diepe innerlijke overtuiging dat je een kind van God bent.

Deel artikel