Wat betekent het om God lief te hebben met je verstand?

Toen iemand aan Jezus vroeg wat het belangrijkste gebod is, antwoordde Hij: “U zult de Heere, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw verstand” (Mattheüs 22:37). Dat is een bekend Bijbelvers. Maar wat betekent het om God lief te hebben met je verstand?

Jezelf helemaal aan God toewijden

“God liefhebben met je verstand” gaat over je manier van denken, de manier waarop je in het leven staat. Zoals Filippenzen 2:5 zegt: “Laat daarom die gezindheid in u zijn die ook in Christus Jezus was. Maar Jezus geeft je geen lijstje dat je af kunt vinken, alsof God liefhebben met je verstand iets heel anders is dan God liefhebben met je hart of je ziel. Jezus bedoelt veel meer dat je liefde voor Hem alle gebieden van je leven moet omvatten, inclusief je verstand. Daarom is het ook niet verbazingwekkend dat andere Bijbelverzen net iets andere accenten leggen:

  • Daarom zult u de HEERE, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw kracht.” (Deuteronomium 6:5)
  • U zult de Heere, uw God, liefhebben met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht.” (Markus 12:30)
  • U zult de Heere, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel, met heel uw kracht en met heel uw verstand.” (Lukas 10:27)

Een verdorven verstand

Het is niet vanzelfsprekend om God lief te hebben met je verstand. Integendeel, van nature hebben wij mensen een verdorven verstand dat God helemaal niet liefheeft. De Bijbel is daar heel eerlijk over. Laten we een paar verzen opsommen:

  • Van hen, de ongelovigen, geldt dat de god van deze eeuw hun gedachten heeft verblind, opdat de verlichting met het Evangelie van de heerlijkheid van Christus, Die het beeld van God is, hen niet zou bestralen” (2 Korinthe 4:4). “De god van deze eeuw” is satan, Gods aartsvijand. Hij is de vader van alle leugen (Johannes 8:44). Hij misleidt mensen al vanaf het begin, zoals we kunnen lezen in Genesis 3. Sindsdien verblindt hij hun gedachten.
  • 1 Timotheüs 6:5 spreekt over “mensen die een verdorven gezindheid hebben en beroofd zijn van de waarheid”. Dit zijn mensen die onjuiste dingen beweren en die het niet eens zijn met de waarheid van onze Heere Jezus Christus.
  • Titus 1:15 zegt iets vergelijkbaars: “Alle dingen zijn wel rein voor hen die rein zijn, maar voor hen die bezoedeld en ongelovig zijn, is niets rein, maar hun verstand en ook hun geweten zijn bezoedeld.” Deze verzen beschrijven een duidelijke samenhang tussen “ongelovig zijn” en “hun verstand is bezoedeld”. Als je de waarheid uit Gods Woord niet gelooft, wordt je verstand slechts en je geweten raakt verdorven.
  • Romeinen 1:28 maakt duidelijk dat iemands verstand niet vanaf het begin verdorven is, en diegene daardoor niet kan geloven. Het werkt andersom: “Omdat het hun niet goeddacht God te erkennen, heeft God hen overgegeven aan verwerpelijk denken” (Romeinen 1:28).

Je verdorven manier van denken afleggen

De Bijbel geeft niet alleen een duidelijke diagnose van onze situatie, maar vertelt ook dat er hoop is. God biedt ons vergeving en herstel aan. Hij wil ons herstellen en vernieuwen. Hij wil “dat u, wat betreft de vroegere levenswandel, de oude mens aflegt, die te gronde gaat door de misleidende begeerten, en dat u vernieuwd wordt in de geest van uw denken, en u bekleedt met de nieuwe mens, die overeenkomstig het beeld van God geschapen is, in ware rechtvaardigheid en heiligheid” (Efeze 4:22-24). Als ons denken door God vernieuwd is, zullen we kunnen begrijpen en aanvaarden wat God van ons wil (Romeinen 12:2, zie ook Lukas 24:45).

Je gedachten op de juiste dingen richten

We hebben niet alleen een nieuw begrip van de waarheid nodig, maar moeten ook actief onze aandacht op de juiste dingen richten: “Bedenk de dingen die boven zijn en niet die op de aarde zijn” (Kolossenzen 3:2). Ook Romeinen 8:5-6 moedigt ons aan om “de dingen van de Geest” te bedenken. God moet onze eerste prioriteit zijn. We willen dat Hij ons verstand bestuurt en onze manier van denken bepaalt. Ons verstand moet gevuld zijn met de dingen die Hij goed en belangrijk vindt. Filippenzen 4:8 geeft wat voorbeelden: “Al wat waar is, al wat eerbaar is, al wat rechtvaardig is, al wat rein is, al wat lieflijk is, al wat welluidend is, als er enige deugd is en als er iets prijzenswaardigs is, bedenk dat”. Zo’n houding eert God. Dit is een uiting van onze liefde voor Hem.

Advies uit Gods Woord

De Bijbel geeft ons advies hoe we onze gedachten op de juiste dingen kunnen richten. God riep Zijn volk Israël op: “Dit boek met deze wet mag niet wijken uit uw mond, maar u moet het dag en nacht overdenken, zodat u nauwlettend zult handelen overeenkomstig alles wat daarin geschreven staat” (Jozua 1:8). Het boek met de wet was toen nog het enige deel van de Bijbel. Wij hebben veel meer Bijbelboeken tot onze beschikking die we kunnen lezen en bestuderen en waarover we na kunnen denken om onze gedachten op God te richten. Dat laat minder ruimte voor negatieve dingen die ons van de Heere wegtrekken. En het helpt ons om onze manier van denken voortdurend te laten corrigeren door Zijn Woord.

Een voortdurende strijd

In ons verstand speelt zich een voortdurende strijd af tussen “het vlees” en de Geest (Romeinen 8:5-9). Bovendien zijn we tijdens ons aardse leven niet volledig vrij van de effecten van de zonde op ons verstand. We zijn geneigd dingen te vergeten, in verwarring te raken of dingen verkeerd te begrijpen. We kunnen zelf niet volledig doorzien hoezeer ons denken beïnvloed wordt door de zonde.

Hoewel ons verstand door de zonde beschadigd is, heeft God veel geduld met ons. Vanwege onze zondige gedachten, verkeerde beslissingen en slechte plannen heeft God genoeg reden om ons te straffen. Maar Hij toont ons genade en barmhartigheid (Psalm 145:8). God houdt van mensen die beseffen dat ze voortdurend Zijn genade nodig hebben. Onze zonde laat ons veel dingen vergeten, maar herinnert ons er ook aan dat we volledig van God afhankelijk zijn.

Als jij een kind van God bent, vertrouw er dan op dat “de vrede van God, die alle begrip te boven gaat, uw harten en uw gedachten [zal] bewaken in Christus Jezus” (Filippenzen 4:7).

Deel artikel