Waarom wierp Jezus demonen uit?

De boeken Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes beschrijven het leven en de bediening van Jezus op aarde. Ze vertellen hoe Hij mens werd, predikte over het komende Koninkrijk van God, vele wonderen deed, gekruisigd werd en opstond uit de dood om tenslotte terug te keren naar de hemel.

Veel van deze verhalen gaan over Jezus’ confrontatie met geestelijke machten. Laten we er een paar bekijken:

  • Marcus 1:12-13, bij het begin van Jezus’ bediening: “En meteen dreef de Geest Hem [Jezus] uit, de woestijn in. En Hij was daar in de woestijn veertig dagen en werd verzocht door de satan.” De andere evangeliën geven hier meer details, maar de samenvatting van Marcus volstaat om ons te laten zien dat satan (Gods vijand, ook wel de duivel genoemd) Jezus probeerde te verleiden tot zonde, waardoor Hij gediskwalificeerd zou worden om de Redder van de mensheid te zijn. Direct aan het begin van Jezus’ bediening was er dus een poging van geestelijke machten om Gods verlossingsplan te dwarsbomen. (Er waren al andere pogingen geweest vóór het begin van Jezus’ bediening). Maar deze poging mislukte.
  • In hetzelfde hoofdstuk beschrijven verzen 21-28 de ontmoeting van Jezus met een door demonen bezet man. “En zij kwamen in Kapernaüm; en op de sabbat ging Hij meteen naar de synagoge en gaf Hij onderwijs. En ze stonden versteld van Zijn onderricht, want Hij onderwees hen als gezaghebbende en niet zoals de schriftgeleerden. Nu was er in hun synagoge een man met een onreine geest, en die schreeuwde: Ga weg! Wat hebben wij met U te maken, Jezus de Nazarener? Bent U gekomen om ons te gronde te richten? Ik weet Wie U bent, namelijk de Heilige van God. En Jezus bestrafte hem en zei: Zwijg! Ga uit hem weg! En de onreine geest deed hem stuiptrekken en ging, roepend met luide stem, uit hem weg. En zij waren allen verbaasd, zodat zij elkaar vroegen: Wat is dit? Wat voor een nieuwe leer is dit, dat Hij ook de onreine geesten met gezag bevel geeft en zij Hem gehoorzaam zijn? En het gerucht over Hem verspreidde zich meteen in heel de omgeving van Galilea.
    Dit verhaal leert ons een aantal belangrijke lessen. Ten eerste had Jezus de macht om demonen het zwijgen op te leggen en uit te drijven. Ten tweede wisten deze demonen wie Hij was en vreesden ze hun eigen ondergang. Ten derde lezen we dat de boze geest de man “deed stuiptrekken” / “verscheurde” / “door elkaar schudde”. Geesten die niet van God komen, proberen je tot slaaf te maken en zullen je uiteindelijk doden. Ten vierde maakte Jezus’ optreden met de onreine geest de mensen ervan bewust dat Hij geen gewoon mens was.
  • Een paar verzen verder vat Marcus het als volgt samen: “En Hij genas er velen, die er door allerlei ziekten slecht aan toe waren, en dreef veel demonen uit, en Hij liet de demonen niet toe te spreken, omdat zij Hem kenden” (Marcus 1:34). Veel mensen werden bevrijd van onreine geesten. Het vorige verhaal was dus maar één voorbeeld van Jezus’ bovennatuurlijke macht over demonen.

Dit is nog maar het eerste hoofdstuk van het evangelie naar Marcus. Latere hoofdstukken en de andere evangeliën geven nog veel meer voorbeelden. Blijkbaar was de strijd van Jezus met geestelijke machten een belangrijk onderdeel van zijn bediening. Waarom?

Jezus kwam om het werk van de duivel te vernietigen

God schiep de wereld goed. Maar satan kwam om de schepping te vernietigen. Hij verleidde de eerste mensen tot zonde en de gevolgen waren rampzalig. God beloofde Adam en Eva echter dat hun nageslacht op een dag satans kop zou vermorzelen. Satans heerschappij zou niet eeuwig duren. Eeuwen later werd God de Zoon mens en in die zin was Hij een afstammeling van Adam en Eva. Hij was degene die satan zou overwinnen. Hij zou Zijn schepping terugwinnen en Zijn vijand vernietigen. 1 Johannes 3:8 maakt dit punt duidelijk: “De Zoon van God is geopenbaard om de werken van de duivel te verbreken.

Satan en zijn trawanten, de demonen, waren op de hoogte van deze feiten. Want zij kennen God en zij kennen Zijn verlossingsplan voor de schepping. Daarom huiveren ze wanneer dit plan zich ontvouwt! (zie Jakobus 2:19). Satan heeft zijn uiterste best gedaan om zijn eigen ondergang te voorkomen. Hij probeerde Jezus als baby te doden (Mattheüs 2:13-18). Hij probeerde Jezus aan het begin van Zijn bediening tot zonde te verleiden (Marcus 1:12-13; Lucas 4:1-13). Hij bracht de religieuze leiders en één van Jezus’ discipelen ertoe om Hem te verraden (Lucas 22:1-6). Maar niets wat satan deed, kon Jezus ervan weerhouden om Zijn taak te vervullen.

Tegen deze achtergrond kunnen we begrijpen waarom Jezus demonen uitdreef. Zij waren Zijn tegenstanders! Het verklaart ook waarom zoveel demonen het uitriepen als ze Jezus zagen. Ze voelden zich door Hem bedreigd – en terecht, want “nadat Hij de [geestelijke] machten en autoriteiten had ontwapend, maakte Hij hen tot een publiek spektakel en triomfeerde over hen door het kruis” (Kolossenzen 2:15).

Jezus toonde Zijn macht en gezag

In Marcus 1:27-28 lezen we over de reactie van de mensen op Jezus’ confrontatie met een boze geest: “En zij waren allen verbaasd, zodat zij elkaar vroegen: Wat is dit? Wat voor een nieuwe leer is dit, dat Hij ook de onreine geesten met gezag bevel geeft en zij Hem gehoorzaam zijn? En het gerucht over Hem verspreidde zich meteen in heel de omgeving van Galilea. Later zou Jezus Zijn discipelen nog zeggen: “Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde” (Mattheüs 28:18). Deze uitspraak werd ondersteund door de wonderen die Hij deed, waaronder die waarbij Hij gezag over demonen liet zien.

Jezus bevrijdde mensen

Wanneer Jezus mensen ontmoette, had Hij medelijden met hen en toonde Hij hen Gods goedheid door“elke ziekte en elke kwaal onder het volk te genezen” (Mattheüs 4:23). Bezetenheid door demonen wordt als zo’n ‘kwaal’ genoemd: “Zij brachten Hem alle zieken, die met verschillende ziekten en pijnen bevangen waren, en die door demonen bezeten waren, die toevallen hadden, en verlamden; en Hij genas hen” (Mattheüs 4:24). Verschillende Bijbelverhalen laten zien dat mensen inderdaad erg kunnen lijden onder de demonen die in hen wonen. Ik zal er een paar aanhalen:

  • En zie, een Kananese vrouw, die uit dat gebied kwam, riep naar Hem: Heere, Zoon van David, ontferm U over mij! Mijn dochter is ernstig door een demon bezeten” (Mattheüs 15:22).
  • En toen zij bij de menigte gekomen waren, kwam er iemand bij Hem, die voor Hem op de knieën viel en zei: Heere, ontferm U over mijn zoon, want hij is maanziek en heeft veel te lijden, want dikwijls valt hij in het vuur en dikwijls in het water. En ik heb hem bij Uw discipelen gebracht, maar zij konden hem niet genezen. Jezus antwoordde en zei: O ongelovig en ontaard geslacht, hoelang zal Ik nog bij u zijn, hoelang zal Ik u nog verdragen? Breng hem hier bij Mij. En Jezus bestrafte hem, en de demon ging van hem uit; en het kind was vanaf dat moment genezen” (Mattheüs 17:14-18).
  • En zij kwamen aan de overkant van de zee, in het land van de Gadarenen. En toen Hij uit het schip gegaan was, kwam Hem meteen uit de grafspelonken iemand met een onreine geest tegemoet. Hij hield in de grafspelonken verblijf, en niemand kon hem binden, zelfs niet met ketenen. Hij was namelijk dikwijls met boeien en ketenen gebonden geweest, maar de ketenen waren door hem in stukken getrokken en de boeien verbrijzeld, en niemand was in staat hem in bedwang te houden. En hij was altijd, nacht en dag, op de bergen en in de grafspelonken en hij schreeuwde en sloeg zichzelf met stenen. Toen hij nu Jezus uit de verte zag, snelde hij naar Hem toe en aanbad Hem, en met luide stem schreeuwde hij: Wat heb ik met U te maken, Jezus, Zoon van God de Allerhoogste? Ik bezweer U bij God dat U mij niet pijnigt! (Want Hij had tegen hem gezegd: Onreine geest, ga uit van deze man!)” (Marcus 5:1-8).

Een boze geest vernietigt het leven en daarom hebben mensen met boze geesten genezing nodig. Jezus wil deze mensen bevrijden!

Jezus kondigde het Koninkrijk van God aan

De wonderen die Jezus deed waren niet alleen bedoeld om het lijden van de mensen daar en toen te verlichten. Het waren ook tekenen van Zijn komende Koninkrijk. Zijn genezingen laten zien dat er in Zijn nieuwe wereld geen ziekte meer zal zijn. Toen Jezus de doden opwekte (zie Lucas 7:14-15; 8:52-55; Johannes 11:43-44), was dit een teken dat de dood er niet meer zal zijn (Openbaring 21:4). Op een vergelijkbare manier liet Jezus zien dat de boze geesten en demonen zullen worden uitgeworpen. Voor hen is er geen plaats in Gods Koninkrijk (Openbaring 20:10). Want in Gods nieuwe wereld zullen het kwaad en de gevolgen ervan voor altijd verdwenen zijn. Dan zal Jezus’ overwinning op Satan en zijn demonen definitief en compleet zijn!

Betekenis voor gelovigen vandaag

Ook vandaag de dag kunnen mensen gebonden zijn door satan. Soms is dat omdat ze satan de kans hebben gegeven om hun leven te beïnvloeden. Soms zijn mensen geïnfecteerd door mensen uit hun directe sociale omgeving. Maar we weten dat alle geesten zullen vluchten door de naam van Jezus. Als we schuilen achter Zijn bloed, zijn we veilig.

Als we over dit onderwerp nadenken, kunnen we in twee valkuilen terechtkomen. De eerste is dat we de duivel te veel macht geven en altijd bang zijn voor zijn invloed in ons leven en ons nooit helemaal vrij voelen door het bloed van Jezus. De andere valkuil is dat we eigenlijk niet geloven in de macht die de duivel nog steeds heeft. Satan bestaat echt en is sterk. Maar Jezus is oneindig veel sterker! (zie 1 Johannes 4:4).

Deel artikel