Tegenstand

“Toen Sanballat, de Horoniet, en Tobia, de Ammonitische dienaar, dat hoorden, was het volstrekt kwalijk in hun ogen dat er iemand gekomen was om het goede te zoeken voor de Israëlieten.” (Nehemia 2:10)

Gisteren zagen we hoe “de goede hand van God” Nehemia’s plannen liet lukken. Ook de koning steunde hem. Hij kreeg aanbevelingsbrieven mee, en zelfs legerofficieren en ruiters. Maar niet iedereen was blij met Nehemia’s project. Een paar invloedrijke leiders van aangrenzende bevolkingsgroepen waren zeer ontstemd. Waarschijnlijk voelden ze zich bedreigd in hun status en economische macht. Maar ze hadden niet alleen redelijke bezwaren tegen Nehemia’s komst. De verwoording in Nehemia 2:10 wijst eerder op haatgevoelens: “Het was volstrekt kwalijk in hun ogen dat er iemand gekomen was om het goede te zoeken voor de Israëlieten.” Deze mannen wilden dus absoluut niet dat het welzijn van de Israëlieten bevorderd werd. Verderop in Nehemia’s verslag is te lezen hoe ze zich met hand en tand verzetten tegen de herbouw van Jeruzalem.
Anderen niets gunnen, hen uit haatgevoelens tegenwerken… Dat was niet alleen in Nehemia’s tijd een probleem. Dat speelt ook nu nog. Misschien loop jij hier zelf wel tegenaan. Soms juist als je iets goed wilt doen voor een ander! Hoe is dat in jouw leven? Hoe ga jij met zulke tegenwerking om?

📁 ,
Tegenstand

“Toen Sanballat, de Horoniet, en Tobia, de Ammonitische dienaar, dat hoorden, was het volstrekt kwalijk in hun ogen dat er iemand gekomen was om het goede te zoeken voor de Israëlieten.” (Nehemia 2:10)

Gisteren zagen we hoe “de goede hand van God” Nehemia’s plannen liet lukken. Ook de koning steunde hem. Hij kreeg aanbevelingsbrieven mee, en zelfs legerofficieren en ruiters. Maar niet iedereen was blij met Nehemia’s project. Een paar invloedrijke leiders van aangrenzende bevolkingsgroepen waren zeer ontstemd. Waarschijnlijk voelden ze zich bedreigd in hun status en economische macht. Maar ze hadden niet alleen redelijke bezwaren tegen Nehemia’s komst. De verwoording in Nehemia 2:10 wijst eerder op haatgevoelens: “Het was volstrekt kwalijk in hun ogen dat er iemand gekomen was om het goede te zoeken voor de Israëlieten.” Deze mannen wilden dus absoluut niet dat het welzijn van de Israëlieten bevorderd werd. Verderop in Nehemia’s verslag is te lezen hoe ze zich met hand en tand verzetten tegen de herbouw van Jeruzalem.
Anderen niets gunnen, hen uit haatgevoelens tegenwerken… Dat was niet alleen in Nehemia’s tijd een probleem. Dat speelt ook nu nog. Misschien loop jij hier zelf wel tegenaan. Soms juist als je iets goed wilt doen voor een ander! Hoe is dat in jouw leven? Hoe ga jij met zulke tegenwerking om?

📁 ,