Als je in de schulden zit, wil je daar het liefst zo snel mogelijk vanaf. Het is vervelend om bij iemand in het krijt te staan en daar steeds mee geconfronteerd te worden.
Het kan ook gebeuren dat je moreel schuldig bent. Je hebt bijvoorbeeld over iemand geroddeld en daarmee zijn vertrouwen beschaamd of zijn reputatie beschadigd. Zo’n morele schuld is een stoorzender in je relatie met die ander.
De Bijbel vertelt ons dat we ook bij God in de schuld staan. Hij is onze Schepper, en daarom moeten we Hem gehoorzamen. Maar er is geen mens wie dat echt lukt:
“Zij allen zijn afgedwaald, tezamen zijn zij verdorven; er is niemand die goeddoet, zelfs niet één.” (Psalm 14:3)
Als je gaat beseffen hoe schuldig je tegenover God staat, wil je dat het liefst meteen goedmaken. Maar dat kunnen we niet! Sterker nog, we gaan steeds opnieuw de fout in en maken daarmee onze schuld nog groter.
Om dit probleem op te lossen, hebben we Jezus nodig:
“In Hem hebben wij de verlossing, door Zijn bloed, namelijk de vergeving van de overtredingen, overeenkomstig de rijkdom van Zijn genade.” (Efeze 1:7)
Welke schuld drukt op jouw geweten? Wat doet dat met jou?

