Oordeelt God mensen? Moet ik bang zijn voor Zijn oordeel?

God is onze Rechter

De HEERE God is Koning over heel de aarde. Hij bepaalt wat goed en kwaad is en stelt de regels op als onze ‘Wetgever’. Ook houdt Hij mensen verantwoordelijk voor gehoorzaamheid aan deze wetten en voorschriften, en daarom wordt Hij ook onze ‘Rechter’ genoemd.

De HEERE is immers onze Rechter, de HEERE is onze Wetgever, de HEERE is onze Koning…” (Jesaja 33:22)

Veel landen hebben een politiek systeem waarin het parlement, bij ons de Tweede Kamer, de wetten maakt en ambtenaren het gezag geeft deze wetten te handhaven door mensen voor het gerecht te brengen en straffen op te leggen als er overtredingen geconstateerd zijn. Dit systeem moet zorgen voor een evenwicht in gezag, omdat de geschiedenis ons geleerd heeft dat er een groot risico is op machtsmisbruik als één persoon het voor het zeggen heeft. Maar bij God werkt dat niet zo. Hij is het hoogste gezag die alle macht heeft in hemel en op aarde. Hij is volmaakt rechtvaardig en zal nooit misbruik maken van Zijn macht. Hij vaardigt wetten uit en oordeelt mensen op grond van die wetten. Hij is zowel de Wetgever als de Rechter.

God zal de wereld in rechtvaardigheid richten

Vanaf het moment dat zonde de wereld binnenkwam, is er geweldig veel onrechtvaardigheid geweest. De mensen zijn ongehoorzaam aan God, maken misbruik van anderen, plegen misdaden en maken de wereld een wrede en gevaarlijke plek. Maar God is niet van plan dat voor altijd te laten voortduren.

Soms grijpt Hij in, hier en nu. De Bijbel geeft daar veel voorbeelden van. Toen de Israëlieten door de Egyptenaren in slavernij onderdrukt werden, schreeuwden ze om hulp tot God en Hij bevrijdde hen. Toen ze aangevallen werden door andere volken, schonk Hij hen de overwinning.
Maar vaak grijpt God helemaal niet in. Veel gelovigen hebben het hier heel moeilijk mee (gehad), zowel vandaag als in vroegere tijden. Enkele psalmen brengen dit probleem tot uitdrukking: Er is hier op aarde zoveel onrechtvaardigheid en geweld; waarom maakt God daar geen einde aan? Maar de algemene toon is er een van hoop en gelovige verwachting: De Heer zal komen om de aarde in gerechtigheid te oordelen (Psalm 96:13). We weten niet wanneer Hij tussenbeide zal komen, maar we mogen weten dat Hij alles in de hand heeft.

God zal elk individu oordelen

Als wij mensen sterven is het niet afgelopen. Er is een hiernamaals waarin we verder leven, en Gods rechtvaardig oordeel zal bepalen of dat een vreugdevol leven zal zijn voor Zijn aangezicht of een vreselijk bestaan ver bij Hem vandaan (Hebreeën 9:27, Johannes 5:28-29). De apostel Johannes beschrijft een visioen dat de Heer hem toonde aangaande Gods eindoordeel over de mensheid.

En ik zag een grote witte troon, en Hem Die daarop zat. Voor Zijn aangezicht vluchtten de aarde en de hemel weg, zodat er geen plaats meer voor hen te vinden was. En ik zag de doden, klein en groot, voor God staan. En de boeken werden geopend, en nog een ander boek wed geopend, namelijk het boek des levens. En de doden werden geoordeeld overeenkomstig wat in de boeken geschreven stond, overeenkomstig hun werken. En de zee gaf de doden die in haar waren. Ook de dood en het rijk van de dood gaven de doden die in hen waren, en zij werden geoordeeld, ieder overeenkomstig zijn werken. En de dood en het rijk van de dood werden in de poel van vuur geworpen. Dit is de tweede dood. En als iemand niet bleek ingeschreven te zijn in het boek des levens, werd hij in de poel van vuur geworpen” (Openbaring 20:11-15).

God zal elke daad in het oordeel brengen, zowel goed als kwaad. Hij weet precies wat ieder persoon gedaan heeft. Hij kent hun hart. Daarom kan Hij ook rechtvaardig oordelen. Het vonnis is verschrikkelijk. Want Gods oordeel luidt dat “niemand rechtvaardig is, zelfs niet één” (Romeinen 3:10). Alle mensen hebben gezondigd. Allen hebben Gods wet overtreden. Niemand kan aan Gods eis van rechtvaardigheid voldoen. Allen verdienen de eeuwige dood. De enige ontsnappingsweg is om ingeschreven te staan in het ‘boek des levens’. Wat betekent dat?

Gelovigen zullen niet veroordeeld worden

Als je gelooft in Jezus Christus, dan heeft Hij de prijs voor al jouw zonden betaald – die van het verleden, het heden en de toekomst. Hij werd ter dood veroordeeld in jouw plaats. Daarom zegt Jezus ook: “Wie Mijn woord hoort en Hem gelooft Die Mij gezonden heeft, die heeft eeuwig leven en komt niet in de verdoemenis, maar is uit de dood overgegaan in het leven” (Johannes 5:24). Dat oordeel is al voltrokken. “Dus is er nu geen verdoemenis meer voor hen die in Christus Jezus zijn…”, zegt de apostel Paulus (Romeinen 8:1).

Niemand kan nog een aanklacht inbrengen bij God voor iets wat jij fout gedaan hebt, omdat God Zelf jou gerechtvaardigd heeft. Je hoeft niet meer bang te zijn voor Gods oordeel in de toekomst. Jouw naam staat geschreven in het boek des levens. Deze verlossing is gratis. Het is niet een beloning voor jouw eigen inspanningen of rechtvaardigheid. Niemand kan immers in eigen kracht aan Gods eis voldoen.

Gelovigen ontvangen wel een beloning voor hun goede werken

Hoewel gelovigen niet veroordeeld zullen worden, zullen ze wel “voor de rechterstoel van Christus openbaar worden, opdat ieder vergelding (=loon) ontvangt voor wat hij door middel van zijn lichaam gedaan heeft, hetzij goed, hetzij kwaad” (2 Korintiërs 5:10). Zelfs als we geen enkel goed werk gedaan hebben, zullen we toch verlost zijn, maar “als door het vuur heen” (1 Korintiërs 3:10-15). Maar als onze werken de vuurproef doorstaan, zullen we het loon ontvangen dat niet vergaat.

God beoordeelt onze werken op een eerlijke manier. Niet iedereen heeft dezelfde capaciteiten. Sommige mensen hebben bepaalde talenten ontvangen en God wil dat ze die gebruiken. Anderen hebben veel bezittingen die ingezet kunnen worden om de behoeftigen te helpen. Maar weer een ander is misschien chronisch ziek en daarom niet in staat veel ‘goede werken’ te doen. God weet dit. Hij geeft tenslotte een ieder taken ‘naar vermogen’. De Heer beoordeelt niet enkel het eindresultaat van ons leven, maar ook onze houding en inspanning. Dit wordt duidelijk gemaakt in een gelijkenis die Jezus hierover vertelt. Je kunt het lezen in Mattheüs 25:14-30.

God bestraft Zijn kinderen

Hebreeën 12:7 vraagt onze aandacht voor het feit dat gelovigen beproevingen ondergaan tijdens hun aardse leven, omdat de Heer hen corrigeert. Hij is als een liefhebbende vader die het beste wil voor zijn kinderen, en hen daarom straft voor hun bestwil. Op dat ogenblik is dat niet zo leuk. Maar later levert dat “de vrucht van vrede en gerechtigheid” op, vertelt de Bijbel ons. God straft ons dus niet uit wreedheid, maar uit liefde. Hij wil ons corrigeren en heiliger maken. Daarom ziet Hij onze zonden niet door de vingers, maar tuchtigt Hij ons waar nodig.

In 2 Samuël 12 lezen we de geschiedenis waar David in zonde viel en Gods oordeel over zijn misstappen moest ervaren – geen eeuwige verdoemenis, maar een tijdelijke straf. Toen hij iemand had laten ombrengen en overspel gepleegd had, confronteerde de profeet Nathan hem met zijn gedrag. David kreeg berouw en ontving vergiffenis, maar voor de rest van zijn leven moest hij de gevolgen van zijn misstap dragen “omdat hij door deze daad de vijanden van de HEER een reden had gegeven kwaad te spreken”, zoals Nathan het hem vertelde (2 Samuël 12:13-14). Dus, God kan nog steeds recht doen door middel van tijdelijke straffen.

Conclusie

Gods oordeel is rechtvaardig en Hij heeft in alles het laatste woord. Als we in Jezus Christus geloven als onze Redder, hoeven we niet langer bang te zijn voor dat oordeel. We kunnen zelfs uitzien naar die dag waarop Hij ons eeuwig loon zal geven. Maar als we Hem blijven afwijzen, moeten we de straf voor onze zonden zelf dragen en zullen we een eeuwigheid moeten doorbrengen in een verschrikkelijke plaats die de hel genoemd wordt. Dat risico zou ik niet willen lopen. Neem dus Jezus’ aanbod van vergeving aan!

Deel artikel