“Hij heeft om de vreugde die Hem in het vooruitzicht was gesteld, het kruis verdragen en de schande veracht en zit nu aan de rechterhand van de troon van God.” (Hebreeën 12:2)
Veel mensen worden gedreven door een doel dat ze zichzelf gesteld hebben of een droom die ze najagen. Dat motiveert hen om door te gaan, ook als dat offers kost. Bij de Heere Jezus was dat ook zo. Vlak voordat Hij gearresteerd en ter dood gebracht zou worden, bad Hij: “Vader, Ik wil dat waar Ik ben, ook zij bij Mij zijn die U Mij gegeven hebt, opdat zij Mijn heerlijkheid zien, die U Mij gegeven hebt.” (Johannes 17:24) Dat was Jezus’ grote droom. Hij wilde verloren mensen redden en ze weer thuis brengen. Hij wilde dat ze een eeuwig leven zouden doorbrengen in Zijn heerlijkheid.
Voor dat doel moest Jezus alles opofferen. Eerst gaf Hij Zijn goddelijke heerlijkheid op door mens te worden. Later verdroeg Hij spot, afwijzing en fysieke foltering. Tenslotte onderging Hij, door Zijn Vader verlaten, de brandende toorn van God over de zonde terwijl Hij naakt aan een kruis gespijkerd was.
Jezus wist vooraf dat dit alles zou gebeuren. Hij zei: “Nu slaat de angst Mij om het hart. Wat moet Ik zeggen? Vader, laat dit ogenblik aan Mij voorbijgaan? Maar hiervoor ben Ik juist gekomen.” (Johannes 12:27, NBV21) De vreugde die Jezus’ lijden en sterven zou opleveren, gaf Hem kracht om door te gaan.
Heb jij ook een droom die je najaagt? Welke droom is dat?

