“En Jezus zei: Ik ben tot een oordeel in deze wereld gekomen, opdat zij die niet zien, zien zouden, en die zien, blind zouden worden.” (Johannes 9:39 HSV)
De Heere Jezus genas mensen met allerlei ziekten. Hij liet verlamden weer lopen, gaf doven hun gehoor terug en opende de ogen van blinden. Van dit laatste staat een uitgebreid verslag in Johannes 9. Daar lezen we hoe Jezus een man genas die vanaf zijn geboorte blind was. Wat een geweldig wonder! Niet alleen de man zelf, maar ook omstanders waren diep onder de indruk en verheugden zich over wat er was gebeurd.
Niet iedereen reageerde echter positief. De godsdienstige leiders namen het Jezus kwalijk dat Hij deze genezing op de sabbat had verricht — op die dag mocht immers niet gewerkt worden. Vastbesloten om Zijn invloed te ondermijnen, beweerden ze: “Wij weten dat deze Mens een zondaar is.” (Johannes 9:24 HSV)
Naar aanleiding van deze gebeurtenissen sprak Jezus over geestelijke blindheid. Zijn komst in de wereld heeft een tweevoudig effect: Hij wil mensen hun ogen openen voor Gods heil. Hij laat hen inzien wat er fout zit in hun leven en hoe ze met God verzoend kunnen worden. Maar wie denkt zonder Jezus te kunnen en zijn zonde niet onder ogen wil zien, raakt juist steeds verder verblind.
Het verhaal maakt duidelijk dat de godsdienstige leiders — met al hun arrogantie — geestelijk blind waren. Zie jij dat ook als een gevaar voor jezelf? Hoe kan je dat voorkomen?

