“Want Ú hebt mijn nieren geschapen, mij in de schoot van mijn moeder geweven. Ik loof U omdat ik ontzagwekkend wonderlijk gemaakt ben.” (Psalm 139:13-14)
De eerste mensen zijn persoonlijk door God gevormd. Dat geldt niet op dezelfde manier voor hun kinderen en verdere nakomelingen. Jij en ik zijn na zo’n negen maanden zwangerschap als baby geboren en vervolgens opgegroeid — een heel gewoon, natuurlijk proces dat wereldwijd al miljarden keren is gebeurd. Toch zegt de Bijbel dat we allemaal “ontzagwekkend wonderlijk gemaakt” zijn. De Heere God was nauw betrokken bij ons ontstaan:
“Mijn beenderen waren voor U niet verborgen, toen ik in het verborgene gemaakt ben en geborduurd werd in de laagste plaatsen van de aarde. Uw ogen hebben mijn ongevormd begin gezien,
en zij alle werden in Uw boek beschreven, de dagen dat zij gevormd werden, toen er nog niet één van hen bestond.” (Psalm 139:15-16)
De profeet Jesaja vergeleek de mens met een vaas die door een pottenbakker wordt gevormd. Deze psalm beschrijft hem als een borduurwerk en als een lap stof die door God wordt geweven. Al deze beelden laten iets zien van een bewust, kunstzinnig ontstaansproces. De geboorte van een kind is nooit ‘per ongeluk’ of ‘toevallig’. God is bij ieder mens persoonlijk betrokken.
Zie jij jezelf als een kunstwerk, gemaakt door de Schepper van het heelal? Hoe bepaalt dat jouw zelfbeeld? En hoe kijk jij naar de miljarden “kunstwerken” om je heen?

