Het wachten beloond

“En zie, er was een man in Jeruzalem, van wie de naam Simeon was, en die man was rechtvaardig en godvrezend. Hij verwachtte de vertroosting van Israël en de Heilige Geest was op hem.” (Lukas 2:25)

Simeon leefde rond het begin van onze jaartelling. Politiek gezien was dat een zware tijd, want Israël was bezet door de Romeinen. Ook godsdienstig gezien leek er weinig hoop. Al een paar honderd jaar waren er geen profeten meer geweest om Gods woorden aan het volk door te geven. Ze moesten het doen met oude profetieën en Gods wetten die al generaties lang bekend waren. Wel was de tempel in Jeruzalem herbouwd en konden mensen daar naartoe gaan om te bidden en offers te brengen.

In die context is het opvallend dat Simeon “de vertroosting van Israël verwachtte”. Hij had de moed kennelijk niet opgegeven! We lezen ook meteen hoe Simeon zo hoopvol kon blijven: “de Heilige Geest was op hem”. (Lukas 2:25) Die Geest had Simeon beloofd dat hij niet zou sterven voordat hij de Messias zou zien (Lukas 2:26).

Simeon was in de tempel toen Jozef en Maria daar kwamen met baby Jezus. Meteen wist Simeon: dit Kind is de Verlosser! Vol blijdschap riep hij het uit: “Nu laat U, Heere, Uw dienstknecht gaan in vrede, volgens Uw woord, want mijn ogen hebben Uw zaligheid gezien.” (Lukas 2:29-30)

Simeons wachten was beloond. Hij zag niet slechts een klein kindje, maar de Messias. Dat was voor hem genoeg; nu kon hij in vrede sterven. Zeg jij hem dat na? Welke woorden zou jij gebruiken?

📁 ,
Het wachten beloond

“En zie, er was een man in Jeruzalem, van wie de naam Simeon was, en die man was rechtvaardig en godvrezend. Hij verwachtte de vertroosting van Israël en de Heilige Geest was op hem.” (Lukas 2:25)

Simeon leefde rond het begin van onze jaartelling. Politiek gezien was dat een zware tijd, want Israël was bezet door de Romeinen. Ook godsdienstig gezien leek er weinig hoop. Al een paar honderd jaar waren er geen profeten meer geweest om Gods woorden aan het volk door te geven. Ze moesten het doen met oude profetieën en Gods wetten die al generaties lang bekend waren. Wel was de tempel in Jeruzalem herbouwd en konden mensen daar naartoe gaan om te bidden en offers te brengen.

In die context is het opvallend dat Simeon “de vertroosting van Israël verwachtte”. Hij had de moed kennelijk niet opgegeven! We lezen ook meteen hoe Simeon zo hoopvol kon blijven: “de Heilige Geest was op hem”. (Lukas 2:25) Die Geest had Simeon beloofd dat hij niet zou sterven voordat hij de Messias zou zien (Lukas 2:26).

Simeon was in de tempel toen Jozef en Maria daar kwamen met baby Jezus. Meteen wist Simeon: dit Kind is de Verlosser! Vol blijdschap riep hij het uit: “Nu laat U, Heere, Uw dienstknecht gaan in vrede, volgens Uw woord, want mijn ogen hebben Uw zaligheid gezien.” (Lukas 2:29-30)

Simeons wachten was beloond. Hij zag niet slechts een klein kindje, maar de Messias. Dat was voor hem genoeg; nu kon hij in vrede sterven. Zeg jij hem dat na? Welke woorden zou jij gebruiken?

📁 ,