Het is verboden om de doden of geesten te raadplegen

Onder u mag niemand gevonden worden die zijn zoon of zijn dochter door het vuur laat gaan, die waarzeggerij pleegt, die wolken duidt of aan wichelarij doet, die een tovenaar is, die bezweringen doet, die een dodenbezweerder of een waarzegger raadpleegt, of die de doden raadpleegt. Want iedereen die zulke dingen doet, is een gruwel voor de HEERE.” (Deuteronomium 18:10-12)

Het is aantrekkelijk om te weten wat er in de toekomst gaat gebeuren. Om geesten op te roepen via ‘bordspelletjes’ en antwoorden te krijgen over onze toekomst. “Hoe lang leef ik? Krijg ik een leuke relatie?” Het lijkt geweldig om details over onze eigen toekomst te weten. Behalve als de gekregen antwoorden ons juist angst aanjagen: “Jouw relaties zullen mislukken. Jij leeft nog maar drie jaar.” Hoe angstig zijn zulke leugens. Dat is wat de andere machten doen: Niet ons interessante antwoorden geven, maar ons bang maken.

De mensen die in het land Kanaän woonden, beoefenden allerlei occulte praktijken om meer te weten te komen over hun toekomst. Deuteronomium 18 somt een aantal van deze praktijken op en concludeert: “Wie deze dingen doet, is een gruwel voor de HERE”. God staat niet toe dat we de geesten van de doden of andere bovennatuurlijke krachten naast Hem raadplegen. Hij wil dat we veilig zijn. Zoals Hij in Deuteronomium 18:15 zegt, moet zijn volk luisteren naar Zijn profeten, die hun alles vertellen wat ze moeten weten en wiens informatie betrouwbaar en waar is. Tegenwoordig zijn veel van de uitspraken van de profeten in de Bijbel opgetekend, samen met andere geschriften die door God zijn geïnspireerd. Dit zijn de woorden waar we op moeten letten! We moeten ons niet wenden tot de doden of tot boze geesten, maar tot de levende God. Hij zal ons niet alles onthullen wat we zouden willen weten. Maar Hij openbaart ons alles wat we nodig hebben om te weten.

Deel artikel