“God is getrouw: Hij zal niet toelaten dat u verzocht wordt boven wat u aankunt, maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven om die te kunnen doorstaan.” (1 Korinthe 10:13 HSV)
Paulus waarschuwt de gelovigen in Korinthe tegen “het verlangen naar kwade dingen”, afgoderij, ontucht en opstandigheid. Hij noemt daarbij het volk Israël als voorbeeld. Zij lieten zich door dit soort zonden meeslepen en kwamen daardoor in grote problemen. Hoewel dat al eeuwen geleden plaatsvond, zijn de verleidingen die Paulus opnoemt nog steeds actueel. Ook vandaag de dag laten Christenen zich meeslepen door “dwaze en schadelijke begeerten, die de mensen doen wegzinken in verderf en ondergang.” (1 Timotheüs 6:9)
De gevaren zijn dus reëel, maar gelovigen zijn niet hulpeloos overgeleverd aan deze verzoekingen. Want ook daarin is God met ons, zegt Paulus. Hij zal niet toelaten dat we boven onze krachten beproefd worden. Tijdens iedere verzoeking zal Hij ook een uitweg geven. Het is daarmee mogelijk om weerstand te bieden, en dus hebben gelovigen de opdracht om dat te doen.
God is bij ons, God is vóór ons, God beschermt ons. Hij wil alleen het beste voor ons. Tegelijkertijd laat Hij toe dat Zijn kinderen met verleidingen te maken krijgen. Kan jij dat met elkaar rijmen? Waarom zou God dat zo doen, denk je? Hoe ervaar je dit in je eigen leven?

