Geschapen tot Gods eer

“… Breng Mijn zonen van ver, en Mijn dochters van het einde der aarde. Ieder die genoemd is naar Mijn Naam, die heb Ik tot Mijn eer geschapen, die heb Ik geformeerd, ja, die heb Ik gemaakt.” (Jesaja 43:6-7)

In deze profetie van Jesaja spreekt God over mensen die Zijn Naam dragen. Deze mensen zijn door Hem gemaakt, tot Zijn eer. Ze zijn nu verspreid over de hele aarde, maar Hij wil dat ze weer terugkomen.

Over wie gaat het hier? Jesaja’s woorden gaan in eerste instantie over het volk Israël. Als straf op hun herhaalde ontrouw aan God waren ze uit hun land verbannen. Maar Gods liefde was zo groot dat Hij hen weer terug liet keren naar hun eigen land — en naar Hem Zelf. Ze waren immers Zijn mensen, en dat bleef zo ondanks hun ontrouw.

Maar Jesaja’s woorden hebben ook nu nog betekenis. Want Gods liefde is niet beperkt tot het volk Israël in die tijd. Het bijzondere voorrecht om bij Gods volk te horen geldt voor “allen die Hem aangenomen hebben, … namelijk die in Zijn Naam geloven.” (Johannes 1:12). Op die manier kunnen mensen uit alle volken en door alle eeuwen heen, deel uit gaan maken van Gods volk.

Als jij in Jezus’ naam gelooft en Hem aangenomen hebt als je Heer en Verlosser, dan ben jij een zoon of dochter van de Allerhoogste, geschapen tot Zijn eer. Ben jij je bewust van die bijzondere positie? Hoe kleurt dat je leven?

📁 ,
Geschapen tot Gods eer

“… Breng Mijn zonen van ver, en Mijn dochters van het einde der aarde. Ieder die genoemd is naar Mijn Naam, die heb Ik tot Mijn eer geschapen, die heb Ik geformeerd, ja, die heb Ik gemaakt.” (Jesaja 43:6-7)

In deze profetie van Jesaja spreekt God over mensen die Zijn Naam dragen. Deze mensen zijn door Hem gemaakt, tot Zijn eer. Ze zijn nu verspreid over de hele aarde, maar Hij wil dat ze weer terugkomen.

Over wie gaat het hier? Jesaja’s woorden gaan in eerste instantie over het volk Israël. Als straf op hun herhaalde ontrouw aan God waren ze uit hun land verbannen. Maar Gods liefde was zo groot dat Hij hen weer terug liet keren naar hun eigen land — en naar Hem Zelf. Ze waren immers Zijn mensen, en dat bleef zo ondanks hun ontrouw.

Maar Jesaja’s woorden hebben ook nu nog betekenis. Want Gods liefde is niet beperkt tot het volk Israël in die tijd. Het bijzondere voorrecht om bij Gods volk te horen geldt voor “allen die Hem aangenomen hebben, … namelijk die in Zijn Naam geloven.” (Johannes 1:12). Op die manier kunnen mensen uit alle volken en door alle eeuwen heen, deel uit gaan maken van Gods volk.

Als jij in Jezus’ naam gelooft en Hem aangenomen hebt als je Heer en Verlosser, dan ben jij een zoon of dochter van de Allerhoogste, geschapen tot Zijn eer. Ben jij je bewust van die bijzondere positie? Hoe kleurt dat je leven?

📁 ,