‘Door de zegen van de oprechten wordt een stad verheven, maar door de mond van de goddelozen wordt ze met de grond gelijkgemaakt’. (Spreuken 11:11 )
God is de bron en basis van alle zegen in ons leven. Gods zegen houdt veel meer in dan dat Hij ons het goede toewénst of iets kostbaars belooft. Hij is ook als Enige in stáát de zegen die Hij belooft wérkelijkheid te laten worden in ons leven. Wanneer wij elkaar zegenen, herinneren we elkaar aan de Persoon die God is en wat Hij kan doen.
Spreuken 11 roept op om eerlijk en oprecht te leven. Het is een rode draad in het Oude Testament: Wie eerlijk en oprecht is, Gods woorden in praktijk brengt, zal gezegend worden door God. Deze manier van leven heeft ook invloed op de omgeving waarin iemand leeft. Dat is eigenlijk ook niet zo vreemd. Iemand die eerlijk en betrouwbaar handelt, doet de gemeenschap waarbinnen hij of zij leeft, goed. Mensen die bedriegen, liegen, onbetrouwbaar zijn, anderen pijn doen, brengen schade aan. Oprechte mensen die bidden voor hun omgeving, die opbouwende woorden delen en het goede voor een ander zoeken, zijn een zegen voor de mensen om hen heen. Door op God gericht te leven, kunnen we als christenen een zegen zijn in onze omgeving. En daarmee laten we zien hoe God is.
Heb jij je wel eens gerealiseerd dat je als christen een zegen kunt zijn voor de plek waar je woont? Hoe zou je daar (meer) vorm aan kunnen geven?

