“De oudere mannen moeten… bezonnen zijn” (Titus 2:2)
Een volgende eigenschap die belangrijk is voor oudere mannen, is bezonnenheid. Dat geldt overigens evengoed voor jongere mannen en vrouwen (zie Titus 2:5-6).
Het woord dat hier met “bezonnen” vertaald is, lijkt erg op het eerder genoemde “beheerst”. Ook hier worden gelovigen dus opgeroepen om matig en verstandig te leven. Niet onze impulsen en lusten moeten ons handelen bepalen, maar gezond verstand.
Die oproep was in Paulus’ tijd al actueel; niet voor niets wordt hij meermaals herhaald. Maar ook vandaag de dag mogen we hier best wat vaker bij stilstaan, als tegenwicht tegen geluiden die ons bereiken vanuit de maatschappij en de media. Reclames moedigen ons aan om onszelf lekker te verwennen, van het leven te genieten en te kopen wat we maar willen — het liefst meteen.
“Volg je hart”, klinkt het vaak.
“Wees bezonnen”, zegt de Bijbel.
Die twee gaan niet altijd goed samen! In plaats van onze impulsen blindelings te volgen, is het verstandig die eerst te toetsen aan Gods wil. Dan moeten we soms “nee” zeggen tegen onze eigen verlangens. Dat is niet altijd makkelijk, maar het is wel nodig. Want ons eigen hart is vaak geen goede raadgever.
Op welk gebied vind jij het moeilijk bezonnen te zijn? Wat helpt je om bezonnenheid vast te houden?

