“Doe mij recht, o God en voer mijn rechtszaak.” (Psalm 43: 1)
Met deze psalm zijn begonnen we in deze serie overdenkingen. Dat gaf herkenning, want we hebben behoefte aan recht. Maar wat als dat er niet komt. Jij hebt wel vergeving uitgesproken naar God of misschien zelfs naar de ander. Er komt echter geen verzoening. Wat dan? De kans is groot dat de duivel je probeert gedachten binnen te brengen waarmee hij je wil overtuigen alsnog je recht te halen. Misschien gebruikt hij daar wel mensen voor in jouw omgeving, die je pijn zien en je adviseren om alsnog je gram te halen. “Dat lucht op,” zeggen ze dan wellicht. Toch is dat niet de weg die God ons wijst. We lazen in psalm 43:1 het gebed “… voert U mijn rechtszaak.” Dat is inderdaad wat God doet. In Romeinen 12:19 kunnen we lezen “Wreek uzelf niet, geliefden, maar laat ruimte voor de toorn, want er staat geschreven: Mij komt de wraak toe , Ik zal het vergelden, zegt de Heere.” Dat maakt dat we aan het eind van psalm 43 lezen “Wat buigt u zich neer, mijn ziel, en wat bent u onrustig in mij? Hoop op God, want ik zal Hem weer loven; Hij is de volkomen verlossing van mijn aangezicht en mijn God.”
Vertrouwen op God, dat is de uitdaging. Nare gedachten en verkeerde adviezen, geef ze aan God. Versla de duivel met Gods Woord.
Maar hoe ga je dan om met die ander? Dat hangt af van de situatie. Bid om wijsheid. Je mag grenzen stellen. Je kunt ‘nee’ zeggen, als de ander verder wil alsof er niets is gebeurd. Heb vooral lief. “Als dan uw vijand honger heeft, geef hem te eten, als hij dorst heeft, geef hem te drinken, want door dat te doen, zult u vurige kolen op zijn hoofd hopen.
Word niet overwonnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede.” (Romeinen 12: 20-21)
Heb je wel eens meegemaakt dat het kwade door het goede werd overwonnen?

